zondag 12 december 2010

Tweeling

Na een weekend logeren in Parijs bij mijn zus, zwager én hun tweeling is het respect voor ouders die een tweeling opvoeden alleen nog maar toegenomen.
Mijn familie leeft in een appartement dat nog geen vijftig vierkante meters telt en waar het gehuil van de net eenjarige tweeling door alle muren heen dringt.

Het afgelopen jaar ben ik er achter gekomen dat een tweeling eigenlijk zou moeten worden verzorgd door drie ouders in plaats van twee. Het is niet voor niets dat voor een gemiddelde eenling twee ouders staan.
Het runnen van een gezin met een opgroeiende tweeling is veel meer dan een full time job. Dit werk stopt namelijk niet. Nooit. Zeker in het eerste jaar. Met een voor mij bijna onbegrijpelijk enthousiasme en een niet aflatende toewijding zijn zij er altijd voor de hulpbehoevende baby’s.

Anders dan het gehuil van de baby’s dringt de vermoeidheid niet door de muren heen. Soms lijkt het ze zelfs niet aan te zien. Maar de ervaring heeft me geleerd dat bijna het onmenselijke van een jonge ouder wordt gevraagd.
Vandaar mijn licht moralistisch advies. Als je ooit een moeder of vader met een tweeling in het openbaar vervoer ziet, biedt hen dan gerust je zitplaats aan. Ook als je de hele dag gewerkt hebt en de avond ervoor tijdens een diner twee flessen wijn hebt gedronken. Want, geloof me, de jonge ouders zijn nog achttien keer vermoeider dan dat jij bent. Alleen zie je het niet en hoor je het niet. Althans niet bij mijn familie. Rechtop in de wind.