Zo! Dat was me het weekend wel qua nieuws. Want wat ging er een schok door de wereld heen afgelopen vrijdag. Nu, drie dagen later, lijkt de storm eindelijk een beetje te gaan liggen en kan men het gewone leven weer een beetje proberen op te pakken. Natuurlijk is dat lastig maar hé, je moet door. En, o ja, er schijnt ook nog iets in Japan te zijn gebeurd maar waar ik het natuurlijk over heb is de uitschakeling van Ralf Mackenbach in het SBS programma ‘Sterren dansen op het ijs’.
Ralf Mackenbach (Best, 1995) verwierf internationale faam door met zijn lied ‘Click Clack’ het Junior Eurovisie Songfestival te winnen. Sinds die overwinning is er iets met Ralf en zijn omgeving gebeurd. De jonge puber heeft een mediatraining gekregen waardoor hij nu praat als een volleerd politicus met twintig jaar ervaring in de nabijheid van de meest vreselijke journalisten.
Niet alleen Ralf heeft een mentale deuk opgelopen door zijn overwinning. Ook moeder Heleen Mackenbach heeft het niet ongemoeid gelaten. Iedere moeder die een gezonde band heeft met haar zoon vindt hem waarschijnlijk de leukste, de beste en de knapste maar niet iedere moeder eist een hertelling van de stemmen omdat haar zoon eruit is geknikkerd tijdens ‘Sterren dansen op het ijs’.
Van tevoren was al wel bekend dat Ralf niet zou kunnen gaan winnen. Ik dacht dat het aan zijn leeftijd lag die er voor zou zorgen dat hij op het moment suprême tijdens de show niet meer op de televisie mag verschijnen maar dat is het niet. Ralf mag dan wel een grote mond hebben en zich inmiddels al een hele man voelen, hij kan nou eenmaal zijn partner niet liften. Daar is hij dan weer net te klein en te iel voor.
SBS heeft vandaag bekend gemaakt dat de stemmen wel degelijk eerlijk zijn geteld en dat het ook voor hen als een verrassing kwam dat Ralf naar huis werd gestuurd. Daar kan moeder Heleen gelukkig wel mee leven. Goed nieuws voor Ralf ook. T is toch tamelijk pijnlijk als je midden in je puberteit weer vol onder de vleugels van je moeder wordt genomen.
Misschien dat Ralf het liften eens kan gaan oefenen. Langs de snelweg en dan richting Spanje of Frankrijk. Beetje druivenplukken en zo. Misschien zelfs ooit wel eens naar Japan. Of nee, wacht even, dat nog maar even niet. Daar was ook iets aan de hand maar dat heb ik gemist door al het nieuws rondom Ralf Mackenbach het afgelopen weekend.
maandag 14 maart 2011
dinsdag 8 maart 2011
Tante Saar
Tante Saar is een heel klein en pittoresk koffie- en ijstentje aan het Haarlemse Spaarne. Rond de klok van elf uur in de ochtend ligt het miniatuurterras bij goed weer vol in de zon.
Vanochtend stond er een zonnetje en stonden de drie tafels en zes stoelen op de stoep voor de gevel. Ik besloot mijn fiets tegen een lantaarnpaal te parkeren en mijn zojuist gekochte krant op het terras gaan lezen terwijl ik zou nippen aan een koffie verkeerd.
Naast mij zat een meneer aan de koffie met krant en aan het tafeltje daarnaast zaten Tante Saar en een bekende van de Tante. Voor mij was dit de eerste keer op de koffie bij Tante Saar maar de zon en een verse krant konden de ochtend al niet meer verpesten.
Nadat ik geduldig de krant zat te lezen en inmiddels al op pagina vijf was aanbeland realiseerde ik me dat Tante Saar nog niet was langs gekomen om een bestelling op te nemen. Ze was er wel. Sterker nog; ze stond op dat moment achter haar toonbank waar bakken vol vers ijs werden tentoongesteld. Tante was kopjes aan het wassen. Met de hand.
Op dat moment ontstond er een dilemma. Wat te doen? Nog even wachten tot Tante naar buiten zou komen? Of zelf naar binnen stappen en om een kopje koffie vragen?
Ik besloot te wachten. Op pagina acht van mijn krant was Tante nog steeds niet langs geweest. De kopjes waren inmiddels afgewassen en ze was weer op het terras gaan zitten nadat ze een dame naast mij, die de plaats in had genomen van de heer met de krant, van koffie had voorzien.
Mijn geduldig wachten sloeg om in een milde ergernis. Tante leek mij volledig te negeren. Ik speurde naar een bordje ‘zelfbediening’ maar kon deze nergens vinden.
Inmiddels was ik op pagina elf aangeland maar wekte de Tante totaal nog niet de indruk dat ze langs zou komen en mijn bestelling op zou nemen.
Er ontstond mijnerzijds een koude oorlog. Ik zou onder geen beding bij Tante naar binnen stappen om te vragen, of beter, te smeken om een koffie.
Na het lezen van de column op de laatste pagina van de krant sloeg ik deze demonstratief dicht en stond op. Tante zat op het terras en keek mij niet of nauwelijks aan.
Ik pakte mijn fiets en parkeerde deze zeventig meter verder tegen een lantaarnpaal. Precies voor een ander, ook in de zon gelegen, café. Ik bestelde een koffie verkeerd en kreeg een koffie verkeerd. Vanuit mijn ooghoek zag ik dat Tante mijn kant opkeek. Althans, dat leek ze te doen. In ieder geval was ze niet bezig mijn tafeltje schoon te maken. Was ook niet nodig.
In een uiterste poging om mijn humeur niet door deze Tante te laten verpesten bedacht ik bovenstaande tekst. Een tekst met een waarschuwing. Of een advies. Of beter nog, een gebruiksaanwijzing.
Wanneer je ooit in Haarlem een kop koffie bij Tante Saar wil gaan drinken, loop dan rap naar binnen en bestel aldaar. Al moet worden gezegd dat de koffie bij Café Nobel, daar zeventig meter vandaar, ook meer dan prima is.
Vanochtend stond er een zonnetje en stonden de drie tafels en zes stoelen op de stoep voor de gevel. Ik besloot mijn fiets tegen een lantaarnpaal te parkeren en mijn zojuist gekochte krant op het terras gaan lezen terwijl ik zou nippen aan een koffie verkeerd.
Naast mij zat een meneer aan de koffie met krant en aan het tafeltje daarnaast zaten Tante Saar en een bekende van de Tante. Voor mij was dit de eerste keer op de koffie bij Tante Saar maar de zon en een verse krant konden de ochtend al niet meer verpesten.
Nadat ik geduldig de krant zat te lezen en inmiddels al op pagina vijf was aanbeland realiseerde ik me dat Tante Saar nog niet was langs gekomen om een bestelling op te nemen. Ze was er wel. Sterker nog; ze stond op dat moment achter haar toonbank waar bakken vol vers ijs werden tentoongesteld. Tante was kopjes aan het wassen. Met de hand.
Op dat moment ontstond er een dilemma. Wat te doen? Nog even wachten tot Tante naar buiten zou komen? Of zelf naar binnen stappen en om een kopje koffie vragen?
Ik besloot te wachten. Op pagina acht van mijn krant was Tante nog steeds niet langs geweest. De kopjes waren inmiddels afgewassen en ze was weer op het terras gaan zitten nadat ze een dame naast mij, die de plaats in had genomen van de heer met de krant, van koffie had voorzien.
Mijn geduldig wachten sloeg om in een milde ergernis. Tante leek mij volledig te negeren. Ik speurde naar een bordje ‘zelfbediening’ maar kon deze nergens vinden.
Inmiddels was ik op pagina elf aangeland maar wekte de Tante totaal nog niet de indruk dat ze langs zou komen en mijn bestelling op zou nemen.
Er ontstond mijnerzijds een koude oorlog. Ik zou onder geen beding bij Tante naar binnen stappen om te vragen, of beter, te smeken om een koffie.
Na het lezen van de column op de laatste pagina van de krant sloeg ik deze demonstratief dicht en stond op. Tante zat op het terras en keek mij niet of nauwelijks aan.
Ik pakte mijn fiets en parkeerde deze zeventig meter verder tegen een lantaarnpaal. Precies voor een ander, ook in de zon gelegen, café. Ik bestelde een koffie verkeerd en kreeg een koffie verkeerd. Vanuit mijn ooghoek zag ik dat Tante mijn kant opkeek. Althans, dat leek ze te doen. In ieder geval was ze niet bezig mijn tafeltje schoon te maken. Was ook niet nodig.
In een uiterste poging om mijn humeur niet door deze Tante te laten verpesten bedacht ik bovenstaande tekst. Een tekst met een waarschuwing. Of een advies. Of beter nog, een gebruiksaanwijzing.
Wanneer je ooit in Haarlem een kop koffie bij Tante Saar wil gaan drinken, loop dan rap naar binnen en bestel aldaar. Al moet worden gezegd dat de koffie bij Café Nobel, daar zeventig meter vandaar, ook meer dan prima is.
Abonneren op:
Posts (Atom)