maandag 8 februari 2010

El Padre Abraham, The Sequel

Ik heb een onregelmatige stoelgang. Sinds een paar uur. Sinds ik plompverloren, en zonder enige waarschuwing vooraf, werd geconfronteerd met de finale van het Nationaal Songfestival.
Aan het festival deden vijf onbekende acts mee die allen werden gecoacht door hele bekende Nederlandse artiesten die hun sporen inmiddels ruim hebben verdiend. En natuurlijk mag dan een wereldster als Grad Damen niet ontbreken. En dat deed hij dan ook niet.
Het festival werd gepresenteerd door Yolanthe Cabau van Kasbergen. Zeg maar de nieuwe Mies Bouwman maar dan niet. De vijf deelnemende acts brachten allen het lied 'Ik ben verliefd' van Padre Kartner ten gehore en een vakkundige jury moest vervolgens samen met het publiek uitmaken wie ons land in Oslo mag gaan vertegenwoordigen op het Eurovisie Songfestival. Eerst tijdens de halve finale en daarna, als er wonderen bestaan of geen Oost-Europa, de finale.
De jury bestond onder andere uit Tatjana. Tatjana heeft I Pod knallers als als Awaka Boy, The First Time en Buurman Wat Doet U Nu op haar naam staan. Naast Tatjana was ook George Baker lid van de jury. Een goede keus want niemand voelt de tijdsgeest beter aan dan de man die onlangs in 1975 nog een grote hit scoorde over een witte duif in the sky.
Nadat de optredens achter de rug waren maakte de jury haar voorkeur duidelijk. Twee stemmen gingen naar, hoe kan het ook anders, Sieneke, en de andere twee naar, hoe kan het ook anders, Loekz. Omdat het publiek voor een andere act ging moest El Padre zelf het verdict van Oslo tekenen. Hij moest kiezen tussen Sieneke en Loekz. Maar dat is lastig. Hoe doe je dat? De man die zo gewoon is gebleven wilde geen keus maken en besloot te gaan voor kop of munt. Uit zijn broekzak toverde hij een muntje. Gelukkig waren er maar twee gegadigden want als het er drie waren geweest sta je daar met je kop en je munt. Buiten beeld greep iemand in. El Padre moest zelf een keus maken. Hij stribbelde tegen. Heel even. Toen keek Yolanthe even zoals ze naar Wesley moet kijken en kreunde Kartner: 'Sieneke'. De munt was weer verdwenen in de nu ongetwijfeld knellende broek van Padre Abraham en Sieneke en haar gevolg maakten een vreugdedansje. Goed nieuws voor Sieneke. We zitten maar mooi al in de halve finale!

zaterdag 6 februari 2010

El Padre Abraham

Ja, sorry hoor. Maar soms zijn er mensen die me zo ergeren dat ze de moeite zijn om iets over te schrijven.
Een van die mensen is zonder enige twijfel, en de laatste paar weken met stip omhoog geschoten, Pierre 'Vader Abraham' Kartner.
In interviews vertelt de oppersmurf maar al te graag dat hij zo gewoon is gebleven en dat hij op liedjes schrijven na niet veel kan. Om daar dan vervolgens aan toe te voegen dat hij in Mexico een held is, met 'Padre Padre!' wordt toegejuicht en dat hij, als hij dat wilde, een eigen kerk in Mexico had kunnen krijgen. Men was idolaat van de bebrilde en bebaarde vandaal die 'Lalalalalalalalalala' of terwijl het Smurfenlied, in ons collectief geheugen heeft gebrand. In een ander artikel vergeleek hij zich met Haydn. Niet met Barry Haydn de garagemonteur. Ook niet met Bob (zeg maar Bobby) Haydn van autosloperij Bob's Wieldop maar met de componist Joseph Haydn. Dat was die componist die wel briljant was maar net niet briljant genoeg om 'Het Kleine Café aan de haven' te componeren. Om nog maar te zwijgen over poëzie met een hoofdletter P als: 'Kunnen jullie door een waterkraan? Ja wij kunnen door een waterkraan'.
Tja, die Pierre. Een miskend talent. Maar gelukkig mag hij nu revanche nemen door het songfestival te winnen met het briljante lied: 'Ik ben verliefd Shalali'.
En toch, ondanks dat onmetelijk talent, zijn vriendelijke glimlach, zijn zachte zoete stem en dito accent krijg ik bij El Padre Abraham toch een hele vieze smaak in mijn mond. De smaak van plastic. Van nep. Van valse bescheidenheid. Van lange baardharen. Van muffe bolhoedjes en tot slot de vieze smaak van kleine blauwe mannetjes die zich net door een hele smerige waterkraan hebben gewerkt.