zaterdag 18 december 2010

Prorail?

Theo Maassen vroeg zich hardop af waarom wij Nederlanders een razendsnel dier een antilope noemen.
Ik stond gisteren op een nat en grijs Amsterdam Centraal en vroeg me af waarom een bedrijf zich Prorail noemt terwijl op dagen met sneeuw, blaadjes, wind, brand, regen en hitte het tegendeel eerder waar is. Aan de andere kant snap ik weer wel dat je bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu nog weinig kans maakt op het spoorbeheer als je jezelf Antirail noemt.
Sporadisch vertrokken er gisteravond treinen, alleen stoptreinen, maar er ging vooralsnog geen enkele naar Haarlem. De rij wachtenden op het perron die naar huis wilde groeide en groeide net als de rij voor de kiosk waar gratis koffie en thee werd uitgedeeld door de NS.
Die arme NS die maar steeds de scherven van Prorail moet zien te lijmen. Prorail is een anoniem log gevaarte dat ergens zit, als er geen brand is tenminste, en maakt daar fout op fout. De organisatie zonder gezicht krijgt handen en voeten in de gedaante van NS'ers die zich het vuur uit de schoenen lopen om verantwoording af te leggen voor iets waar ze niet verantwoordelijk voor zijn.
Na drie kwartier wachten had de stationsomroepster goed nieuws voor de mensen met bestemming Haarlem. De trein, die al die tijd langs het perron had gestaan, kreeg nu een bestemming mee. We propten ons in een trein. Zo om me heen kijkend kwam ik tot de conclusie dat sardientjes in een blik het nog helemaal niet zo heel slecht hebben. Het enige voordeel dat wij als treinreizigers boven die sardientjes hadden is dat er geen emmers tomatensaus over ons heen werden uitgegoten.
Op een overvol treinbalkon ontstaat vaak een sfeer van verbroedering. We zitten inmiddels allemaal in hetzelfde schuitje en de kalmte bewaren is overlevingsregel nummer één. Vaak ook daalt er een zekere meligheid op de reizigers neer. En vaak ook kan ik daar niet zoveel mee.
Gisteren stonden er twee klassieke kantoortypes midden op het balkon. Dichtbij genoeg om de roos op hu donkere kragen te zien maar weer net te ver om de pindakaas te ruiken die ze op hun brood hadden gehad. Meneer Jos en meneer Edgar leken zich plotsklaps te realiseren dat ze een publiek hadden. Ik realiseerde me dat ook en meteen daarna kwam het besef dat ik geen kant op kon. En dan is Haarlem toch nog best een eind reizen vanaf Amsterdam.
Ook vandaag krijgt Prorail het nog niet voor elkaar om de treinen te laten rijden volgens schema. Ondanks een 'oefendag' in de vroege herfst waardoor ik ook met de nodige vertraging aankwam. En eigenlijk snap ik het ook wel. Dat het gewoon niet kan. Zo veel sneeuw én zo veel treinen laten rijden kán gewoon niet. En dat is ook niet eens zo erg. Maar wat zou het fijn zijn als ze dat bij Prorail eens zouden gaan inzien. Gewoon zeggen: 'Sorry, wij kunnen dit niet aan.'
Een welgemeend sorry van Prorail zou bij mij langer blijven weerklinken dan het slappe geouwehoer van Jos en Edgar.
En dat is me heel wat waard.

zondag 12 december 2010

Tweeling

Na een weekend logeren in Parijs bij mijn zus, zwager én hun tweeling is het respect voor ouders die een tweeling opvoeden alleen nog maar toegenomen.
Mijn familie leeft in een appartement dat nog geen vijftig vierkante meters telt en waar het gehuil van de net eenjarige tweeling door alle muren heen dringt.

Het afgelopen jaar ben ik er achter gekomen dat een tweeling eigenlijk zou moeten worden verzorgd door drie ouders in plaats van twee. Het is niet voor niets dat voor een gemiddelde eenling twee ouders staan.
Het runnen van een gezin met een opgroeiende tweeling is veel meer dan een full time job. Dit werk stopt namelijk niet. Nooit. Zeker in het eerste jaar. Met een voor mij bijna onbegrijpelijk enthousiasme en een niet aflatende toewijding zijn zij er altijd voor de hulpbehoevende baby’s.

Anders dan het gehuil van de baby’s dringt de vermoeidheid niet door de muren heen. Soms lijkt het ze zelfs niet aan te zien. Maar de ervaring heeft me geleerd dat bijna het onmenselijke van een jonge ouder wordt gevraagd.
Vandaar mijn licht moralistisch advies. Als je ooit een moeder of vader met een tweeling in het openbaar vervoer ziet, biedt hen dan gerust je zitplaats aan. Ook als je de hele dag gewerkt hebt en de avond ervoor tijdens een diner twee flessen wijn hebt gedronken. Want, geloof me, de jonge ouders zijn nog achttien keer vermoeider dan dat jij bent. Alleen zie je het niet en hoor je het niet. Althans niet bij mijn familie. Rechtop in de wind.

zaterdag 11 december 2010

Brussel Zuid, aangenaam!

De Thalys. Dat is de razendsnelle trein die je in 3 uur en 18 minuten van Amsterdam naar Parijs brengt. Je zoeft langs snelwegen met een snelheid van 300 kilometer per uur waardoor de gepasseerde auto's lijken stil te staan. Tijd om het glooiende landschap van Noord-Frankrijk te aanschouwen heb je amper want van Brussel naar Parijs is het nog maar een uur en 22 minuten. Met de Amsterdamse grachten nog vers in je gedachten doemt de Sacre Coeur al weer voor je op. Van de ene wereldstad naar de andere in minder dan drie en een half uur!

In theorie.

De praktijk leert dat het zelden gaat zoals het hierboven beschreven is. Inmiddels begin ik een ervaringsdeskundige te worden op het gebied van het reizen met de Thalys. Of Taaaliss zoals de mensen van de Thalys de naam van de trein uitspreken. Gisteren kon er een nieuw hoofdstuk aan het drama worden toegevoegd. Toen ik op Amsterdam CS arriveerde, flink op tijd want je wil de Taaaliss niet missen, ving ik nog net in het Frans op dat mijn trein niet zou rijden. Het alternatief was de trein naar Brussel Zuid om daar vervolgens over te stappen op de trein naar Parijs. Dankzij het feit dat ik belachelijk vroeg op Amsterdam CS was en doordat ik de Franse taal redelijk machtig ben begreep ik dat ik de trein naar Brussel Zuid nog net kon halen. Met moeite. En een zware rugzak. En mensen die dan niet uit de weg gaan noch doorlopen als ze op de linkerhelft van de roltrap staan.
Vlak voor het sluiten van de deuren sprong ik de trein naar Brussel Zuid in. Op het moment dat de conducteur passeerde vroeg ik hem waarom de Thalys niet reed en wat het alternatief in Brussel Zuid zou zijn. Op het moment dat hij antwoord wilde geven klonk er een stem door de intercom die in vier talen uitlegde waar we allemaal zouden stoppen. Den Haak Ollans Spor, Dordrekt, Rossendaal. De conducteur keek mij niet aan. Hij keek naar de speaker van waaruit de stem kwam. Toen de stem klaar was en ik een antwoord verwachtte mompelde de conducteur iets en beende vervolgens naar de volgende wagon.

Brussel Zuid was het eindpunt van de trein. Rare naam voor dit station; Brussel Zuid. Een betere naam zou zijn Brussel Tochtgat of Brussel Op Dit Station Wil Ik Nog Niet Dood Gevonden Worden of desnoods Brussel Als We Hier Maar Geen Vertraging Hebben Anders Spring Ik Voor Een Trein Naar Halle Of Oostende.
Het enige verschil tussen Brussel Zuid en een bunker uit de Eerste Wereldoorlog is dat er een trein doorheen rijdt.
Na 25 minuten kwam er een Thalys het asgrauwe station binnenrollen. Het deed nog het meest denken aan een ontsnappingspoging uit de bunker diep onder Brussel. De Thalys was letterlijk het licht aan het einde van de tunnel. Opgelucht stapten we in. Weg uit het donkere Brussel Zuid en op naar de stad van het licht.

dinsdag 7 december 2010

Halbe

Ik heb niet meegedaan met de 'Nederland schreeuwt om cultuur' actie. Het ludieke en elkaar een beetje lachend aankijken tijdens het schreeuwen onder het mom van 'wat doen wij toch lekker gek' is voor mij niet weggelegd.

Dat neemt niet weg dat de bezuinigingen op cultuur ook mij een doorn in het oog zijn. De BTW verhoging van 6 naar 19 procent is een uitstekende manier om de wat minder gefortuneerden uit de theaters te houden. Maar volgens mij is de gemiddelde PVV stemmer geen theaterbezoeker dus zij zullen ook weinig last hebben van de verhoging.

Gisteravond zag ik staatssecretaris voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Halbe Zijlstra, een fantastisch stram optreden geven op wat in rechtse kringen en dus ook in het vocabulaire van Albert Verlinde liefkozend 'de staatsomroep' wordt genoemd. Halbe is de nieuwe staatssecretaris van Cultuur en gezien zijn achtergrond is hij de juiste man voor deze baan. Op zijn CV prijken onder andere functies als accountmanager bij een autoleasemaatschappij en als directeur en eigenaar van een bedrijf dat onder andere voor Shell een nieuw financieel-expertise managementsysteem heeft opgezet. Slim gedaan van de VVD om iemand die niets met cultuur heeft wel de portefeuille te geven. Hij hoeft dan in ieder geval niet in eigen vlees te snijden.
Halbe 'mijn favoriete film is The Full Monty' Zijlstra heeft gisteren onder andere bekend gemaakt dat met het toekennen van subsidie wordt gekeken naar de bezoekersaantallen. Persoonlijk ben ik ook geen voorstander van een automutilerende acteur die op de klanken van Le Sacre du Printemps met een apathische blik het publiek inkijkt maar het moet wel gemaakt kúnnen worden. Ook als er maar drie mensen in de zaal zitten.
Als het aan Zijlstra ligt kunnen straks gezelschappen die volle zalen trekken wel rekenen op subsidie. Denk bijvoorbeeld aan cabaretiers, musicals en artiesten als Marco Borsato en Guus Meeuwis.

Maar wacht eens even. Deze uitvoerende artiesten krijgen niet eens subsidie. De Halbe Zijlstra's van deze wereld vinden het prima om vijftig euro te betalen voor de laatste glitterperformance van Albert Verlinde en co. Op die manier blijft er wel een fijne subsidiepot over die te verdelen valt over andere sectoren.
Wat te denken van de wapenindustrie Halbe? In 2008 was Nederland de op vier na grootste wapenexporteur van de wereld. Kijk, dat is pas een rendabele sector. Een sector waarin je waar krijgt voor je geld en waarvan het effect meteen goed zichtbaar is. Het zou een vooruitstrevende start van zijn ambtsperiode zijn. En een goed begin is het halbe werk.