donderdag 30 april 2009

Koninginnedag 2009

Ik had willen schrijven over het genot dat mensen beleven aan in massa's door winkelstraten te worden gepropt.
Of over het nuttigen van liters bier uit blik.
Of uit een plastic bekertje met statiegeld.
Of schrijven over de volwassen man in de Haarlemse Grote Houtstraat die 'Hey Jude' van The Beatles subtiel verkrachtte.
Over de duizenden kleedjes, zeiltjes, gelige matrassen en badhanddoeken vol prullaria.
En over hoe je dan iets koopt en thuis al niet meer weet waarom het ook al weer zo leuk was.
Of waarom je het nodig had.
Ik had willen schrijven over de treurigheid van prinses Mabel die een golfballetje over een plas water probeert te slaan.
Of over prinsen die op de foto gaan met toeschouwers.
Toeschouwers die al om zich heen kijken of ze nog een prins of prinses kunnen voor een foto en een verhaal op een verjaardag.
Ik had willen schrijven over de absentie van Maartje van Wegen.
Of de aanstaande abdicatie van de vorstin.
Over de mensen die de straat op gaan en allemaal iets oranjes in hun kast blijken te hebben hangen.
En als ze dat niet hebben kunnen aanschaffen op een vrijmarkt.
Ik had willen schrijven over de treurigheid die Koninginnedag bij mij oproept.
Waarin we als volk een zijn.
Denken we.

Toen was er een zwarte auto.
Een Suzuki Swift.
Een man.
Er waren dranghekken en wegblokkades.
Er was een open bus voor de Koninklijke Familie.
En er waren volwassenen en kinderen die 's ochtends hun veters strikten in de wetenschap dat ze de koningin zouden zien.
Veters van schoenen die nu op het asfalt lagen.
En op mijn netvlies staan gebrand.
Als littekens.
De littekens van Koninginnedag 2009.

zaterdag 25 april 2009

Nagellak

Bij een groot aantal dingen die vele vrouwen dagelijks doen sta ik, als man, niet stil. Natuurlijk weet ik wel dat vrouwen hun nagels lakken maar om dat op te merken moet je over een antenne bezitten die bij niet is ontwikkeld.
Totdat je er op een dag plompverloren mee wordt geconfronteerd.
In de trein.
In een kleine tweedeklas treincoupe.
Een dame van middelbare leeftijd was bezig haar nagels te lakken op het moment dat ik de treincoupe binnenstapte.
Rood.
Tegenover haar zat haar man. Hij had dit tafereel zonder twijfel al talloze malen aanschouwd en hield zijn mond om zijn echtgenoot niet af te leiden bij haar klusje waardoor de kleine coupe zwanger werd van de zware lucht die nagellak draagt.
De coupe waarin wij zaten hadden geen ramen die open konden. Wel was er een ventilatiesysteem dat niet werkte.
Terwijl de dame met haar gestifte lippen stijf op elkaar haar nagels bewerkte schoten de wissels onder de trein door.
Op het traject zijn veel wissels.
Heel veel wissels.
Ik hoopte op een misser, een uitschieter, maar deze bleef uit. Het kleine zwarte kwastje met de felrode punt deed zijn werk. Concentratie en ervaring deden de rest.
Even dreigde er een klein relletje toen de vrouw haar potje nagellak in haar tas wilde stoppen.
De dop zat er niet goed op.
Ik zag een zwarte leren tas met een stinkende bloedrode voering voor me.
Haar man greep in.
Hij nam het flesje over van zijn vrouw en draaide de dop er stevig op.
Flesje in de tas.
Tas dicht.